dinsdag 24 mei 2016

Mise en place




Mise en place. 

Ze vloekt hartgrondig als ze zo eens om zich heen kijkt. De hond in de pot vinden is hier meer regelmaat dan uitzondering. Niet dat er niet genoeg te eten is, integendeel, teveel eten en te weinig klanten zodat haar twee honden letterlijk alles opvreten wat er in haar pannen en potten zit aan het einde van de dag. Het scheelt natuurlijk dat ze niet veel hondenbrokken hoeft te kopen maar dat was niet de opzet geweest. 
 
Haar stageplek in het kleine rustieke Italiaanse restaurant had haar leven helemaal veranderd. Het lieve stel dat al bijna vierenveertig jaar deze zaak runde had haar met open armen verwelkomd alsof ze een verloren kleinkind of lievelingsnichtje was. Als leerling-kok kreeg ze alle kans zich te ontplooien en uit te groeien tot een volwaardig chef. Steeds vaker hadden Gio en Flora haar de scepter laten zwaaien, tot groot ongenoegen van Carlo, die hoopte ooit de zaak te erven van het kinderloos echtpaar. De lijpo was alleen maar bezig met flirten, vrouwelijke klanten of leveranciers. Zelfs Madonna, de serveerster was niet veilig voor zijn nooit aflatende dubbelzinnige uitspraken en halfslachtige pogingen om macho en sexy over te komen. 
 
De rillingen lopen Jasmijn over het lijf als ze aan die viespeuk denkt. Zijn gore tengels hadden haar ook ooit bijna betast. 
Bijna! Ze had zijn pols gegrepen en hem dusdanig verdraaid dat hij het uitgilde van de pijn. 
 ‘Eén ongepermitteerde aanraking en je zult het berouwen miezerig mannetje!’, ze had hem daarbij ijskoud in zijn hazelnootkleurige ogen gekeken. 
Zelfverdedigingslessen zijn hun geld waard. Hij nam letterlijk en figuurlijk afstand maar probeerde haar op andere manieren onderuit te halen. Kinderachtige dingetjes die zo doorzichtig waren als een te vaak gewassen vitrage. Per ongeluk teveel zout in haar bouillon doen of de temperatuurknop van de oven een tikje geven zodat er zwartgeblakerde gerechtjes tevoorschijn kwamen. Spuugzat was ze het geweest en de klanten rekenden het natuurlijk de chef aan dat het eten smakeloos was, of überhaupt niet te freten zoals sommige critici zelfs melden op hun foodblogs. De klandizie was zienderogen - dramatisch achteruit gehobbeld.

Afgelopen met die flauwekul. 
Vanaf morgen presenteert ze de nieuwe kaart met de nadruk op authentieke gerechten naar traditionele recepten van echte Italiaanse nonna’s. Hierbij is het gebruik van alles wat voorhanden is een specifiek kenmerk. Je kookt met alle onderdelen van een beest – van kop tot kont. Zo gaat er zo min mogelijk verloren en haal je meer rendement uit je inkopen. Het uitbenen is ze nog niet verleerd dus dat is geen enkel probleem. Haar kachels staan al vol grote pannen. De bouillons en stoofpotten verspreiden een heerlijke geur door de vele kruiden die ze zelf gekweekt heeft in de kleine tuin achter het restaurant
Het weinige afval belandt op de composthoop die ze regelmatig omzet zodat de insecten hun werk kunnen doen. Recyclen is een kunst die ze onderhand goed onder de knie heeft. Als laatste maakt ze het hoofd schoon. Ze had een geweldig recept gevonden in een oud kookschriftje van Flora’s oma. Ze spoelt de hersenen goed schoon onder koud stromend water en haalt ondertussen voorzichtig het dunne vliesje er vanaf. De marsalasaus staat al te pruttelen en ze kneust nog wat salie om toe te voegen. Morgen alleen nog even de plakjes hersenen bakken en dan nog even mee sudderen in de saus. 
 
Met een tevreden blik kijkt ze naar de voorraad eten die ze morgen aan haar gasten gaat voorschotelen. Haar mise en place ziet er indrukwekkend uit. De uitgebreide kaart zal door de criticasters waaraan ze een uitnodiging heeft gestuurd grondig en zonder mededogen beoordeeld worden. Daarna zal de definitieve kaart gemaakt worden met alle goed gerecenseerde gerechtjes. Ze heeft er zin in en draait met een vastberaden trek op haar gezicht alle gaspitten uit en maakt nog snel de keuken schoon. Haar restafval nog even naar buiten brengen en meteen naar huis om nog een paar uurtjes slaap proberen te pakken want morgen is D-Day, erop of eronder….

Alle stoeltjes zijn bezet en de tafels bezwijken bijna onder de hoeveelheden kleine gerechtjes die Jasmijn bedacht heeft. De twee extra serveersters die ze heeft ingehuurd rennen onder de bezielende leiding van Madonna heen en weer met drankjes en extra Foccacia en kommetjes goede olijfolie met wat vers gemalen zeezout erin. De keuken is een waar strijdtoneel waar zelfs Flora en Gio alle zeilen bijzetten om haar te helpen. Carlo is natuurlijk weer eens nergens te bekennen, zogenaamd ziek gemeld moppert ze als Gio vraagt waarom hij er nog niet is. Voordeel is wel dat hij het niet kan verzieken vandaag met zijn wonderlijke toevoegingen of zijn zogenaamd onopzettelijke vergissingen. 
De gasten lijken enorm te genieten zo aan de gezichten te zien. De opgewekte gesprekken en verwonderde kreetjes laten Jasmijn’s hart zingen. De subtiele knoflookgeur en de kruidige basilicum beroeren haar neus terwijl ze door de grote pan pastasaus roert. Flora giet de pappardelle af zodat Jasmijn haar handen vrij heeft om de pasta te voorzien van de heerlijke saus. Als de laatste kommen de keuken uitgaan zucht ze eens diep en bereidt zich voor om als laatste de cacaolaag over haar zelf gemaakte tiramisu te strooien en het vers gedraaide ijs uit de vriezer te halen zodat het wat kan acclimatiseren.

Een onheilspellende kreet verbreekt de gemoedelijke rust. Stilte die wordt gevolgd door geroezemoes en dan misselijkmakende braakgeluiden bereiken haar vanuit de eetzaal. Ze rent door de klapdeuren de zaal in en ziet van alles tegelijk gebeuren. Gasten aan tafel vier die geschokt naar een kom pasta kijken van een blonde blogster die wit wegtrekt en dan haar hele maaginhoud over de vloer uitspuugt. Jasmijn baant zich een weg naar de tafel en duwt de opgesprongen, nieuwsgierige gasten van de omringende tafels aan de kant. Ze neemt de bewuste kom pasta in haar handen.
 ‘Fuck! Vuile klootzak!’ Een hazelnootkleurig oog lijkt haar uit te lachen en ze gooit met een wilde zwaai de kom tegen de witgepleisterde muur.

De glans is eraf, de dag begon zo stralend en eindigt met een domper. De handboeien knellen, haar polsen lijken niet veel bloed door te geven aan haar handen. Haar vingertoppen zijn volgens haar zelfs al dood en begraven. Het euforische gevoel allang verdwenen. Toegegeven, dit was niet echt haar dag geworden. Kruupstruukerig voelt ze zich. Niet het geplande succes maar een dag die ze snel wil  vergeten. Bummer ….



©José mei 2016



Op onze vraag of er iemand woordjes had waar we bij de SKO wat mee konden schrijven – voor het voor ons zo geliefde blikken trommeltje van Anja – kregen we een woord van Franca

Kruupstruukerig! Een door haar zelf vaak gebruikt woord voor als het niet gaat of voelt zoals het zou moeten gaan of voelen. 
Volgens haar omgeving bestaat het woord niet eens maar zelf denkt Franca dat ze het toch wel ooit ergens gehoord heeft. Onze speurtocht om de betekenis te achterhalen eindigde zonder resultaat helaas. Taalkundigen en dialectkenners wisten het ook niet. 
Om haar toch niet teleur te stellen en omdat het woord mezelf wel waanzinnig goed in de oren klonk heb ik er een persoonlijk projectje van gemaakt en er een kort verhaal mee geschreven. Hoop dat het enigszins aan je verwachtingen voldoet Franca! 
En heel hartelijk bedankt voor de inspiratie, word ik ernstig blij van ;-)